 |
Download
|
 |
Effectiviteit van voor- en vroegschoolse programma's
Een effectief programma in de voor- en vroegschoolse periode wordt aangeboden vanuit een kinderopvangvoorziening, stelt het kind centraal en ondersteunt de ouders in hun rol van opvoeder.
Inleiding Deze overzichtsstudie (in opdracht van NWO-PROO) geeft een beeld van de effectiviteit van Amerikaanse en Nederlandse voor- en vroegschoolse programma's.
Uitkomsten
- Vroege interventie helpt. Jonge kinderen uit achterstandsmilieus boeken extra cognitieve vooruitgang door deelname aan stimuleringsprogramma's, maar dit effect dooft wel uit na afloop van het programma. De programma's hebben geen effect op de sociaal-emotionele ontwikkeling.
- Centrumgerichte programma's scoren beter dan thuisgerichte programma's. Een combinatie van beide is ook effectief.
- Programma's die zijn gericht op ouder en kind, laten een sterke verbetering van resultaten zien als de oudercomponent opvoedingsondersteuning centraal stelt.
- Andere aanpakken (geld, gezondheid, sociale ondersteuning) zijn misschien nuttig voor de ouders, maar hebben geen direct effect op de ontwikkeling van hun kinderen.
- Programmakenmerken als vroeg starten, langer doorgaan en doorgaan tot na de kleuterperiode hebben geen invloed op de effectiviteit. Ook programma's die kinderen langer (meer uren per week) bezighouden hebben geen overtuigende meerwaarde.
- Evaluaties van Nederlandse programma's passen in dit beeld: thuisprogramma's als Instapje en Opstap Opnieuw zijn minder effectief dan centrumgerichte programma's als Piramide en Kaleidoscoop en effecten zijn te zien op de cognitieve en niet op de sociaal-emotionele ontwikkeling van kinderen.
H. Blok a.o., The relevance of delivery mode and other program characteristics for the effectiviness of early chilhood intervention with disadvantaged children, Amsterdam, SCO-Kohnstamm Instituut, 2003
Redactie Onderwijsachterstanden.nl 23-02-2004

Download: Effectiviteit van voor- en vroegschoolse programma's (20 kB)

|
 |