Dextrose. Fructose. Lactose. Maltose. Glucose – het maakt niet uit welke naam we aan suiker geven (en er zijn maar liefst 50 verschillende namen voor suiker) is suiker echt zo slecht voor je? We gaan op onderzoek over wat suiker met jouw hersenen doet.

In de basis zijn er twee soorten suiker: de suiker die je normaal tegenkomt in groente en fruit (de goede suikers) en de suikers die je tegenkomt in frisdrank, snoep, gebak etc. (de slechte suikers).

De werking van glucose

De “goede” soort suiker is daadwerkelijk nodig voor ons lichaam, vooral in de hersenen. Nadat we een maaltijd eten wordt het eten afgebroken: dit wordt afgebroken in glycogeen, koolhydraten, eiwitten, vetten en triglyceriden, die worden afgebroken tot glucose. Glucose is zo belangrijk voor het goed functioneren van onze cellen dat een tekort aan glucose ervoor zorgt dat je buiten bewustzijn kan raken en uiteindelijk zelfs kan leiden tot celdood. Omdat glucose zo belangrijk is, heeft ons lichaam een systeem dat ervoor zorgt dat onze overtollige glucose wordt opgeslagen als een reserve.

Stimulatie

Suiker is niet alleen belangrijk voor het functioneren van onze hersenfuncties, het smaakt ook nog eens lekker! Wanneer we iets eten met suiker erin worden onze smaakreceptoren geactiveerd, en onze hersenen vervolgens flink gestimuleerd. Vooral de activiteit rond het dopaminerge systeem wordt flink gestimuleerd. Glucose is essentieel voor het goed functioneren van onze cellen en het stimuleert het beloningspad in je hersenen waardoor alles goed voelt.

Dit is waar, tenzij je teveel neemt. Dan krijg je juist een totaal omgekeerde reactie. Maar hoeveel suiker is teveel suiker? Volgens de gegevens die we hebben gevonden zouden vrouwen maximaal 6 theelepels suiker moeten nemen en mannen maximaal 9 theelepels. Echter, uit onderzoek blijkt dat we gemiddeld 22 (!) theelepels extra suiker binnenkrijgen, bovenop de suikers die we al in onze dagelijkse voeding terugvinden.

Wat dat betekent is dat ons beloningspad constant gestimuleerd wordt, en vervolgens de dopaminereceptoren niet meer zo snel reageren op dopamine. Ze worden als het ware ongevoelig voor dopamine en hebben steeds meer dopamine nodig om hetzelfde aangename gevoel te krijgen wat we eerder kregen van veel minder suiker.

Gevolgen van een overschot aan suikerinname

Als gevolg daarvan ontstaan er problemen met overgewicht, waaronder overgewicht bij kinderen. En teveel aan verzadigde vetten en suiker zorgt voor daadwerkelijke veranderingen in de hersenen die in combinatie met de verhoogde afgifte van neurotransmitters (dopamine) nadelige effecten kunnen hebben. Een aantal van deze problemen zijn:

  • Problemen met leren en geheugen – Onderzoekt toont aan dat een dieet rijk aan suiker en verzadigde vetten oxidatieve stress kan veroorzaken. Dit zorgt voor celbeschadiging. In 2010 is in een studie in ratten aangetoond dat een dieet met verhoogde suiker en verzadigde vetten al vanaf 3 dagen in de week ertoe leidt dat ratten een verstoorde hippocampusfunctie (leren en geheugen) hadden. Hierdoor hadden de ratten veel meer moeite om hun voedsel in een doolhof te vinden.
  • Verslaving – Suiker verslaving is een daadwerkelijk probleem. De manier waarop je hersenen suiker als een beloning gaan zien is hetzelfde als bij een verslaving. Aanhoudende toename van het afgeven van dopamine leidt tot desensitisatie. Vervolgens is er steeds meer suiker nodig om hetzelfde bevredigende gevoel op te wekken. Dit kan zorgen voor een vicieuze cirkel, met alle nadelen van dien die het effect versterken, waar de gebruiker moeilijk uitkomt.
  • Depressie en ongerustheid – Pogingen om deze verslavende cyclus van suikerverslaving te doorbreken kunnen leiden tot stemmingswisselingen en prikkelbaarheid. Alle toegevoegde suikers uit jouw dieet halen kan leiden tot een aantal van dezelfde stoort ontwenningsverschijnselen als bij drugsverslaving. De ontwenningsverschijnselen van suikerverslaving zijn onder andere hoofdpijn, gevoelens van ongerustheid, onbedwingbare trek en zelfs koude rillingen.
  • Cognitieve tekortkomingen – Langdurig een dieet volgen met veel suikers kan leiden tot veranderingen in genexpressie. Dit beïnvloedt alles van neurotransmitters tot receptoren en zelfs tot aan de basisfunctie van de cel. Onderzoekt geeft aan dat voor de brain-derived neurotrophic factor (BDNF) wordt beïnvloed. Dit is een zenuwcelstimulerende factor die van de hersenen afkomstig is. Deze is actief in de hippocampus en voorhersenen en speelt een belangrijke rol bij ons leervermogen en de geheugenfunctie. In diëten met veel suikers wordt dit sterk verminderd. Het is dan ook niet vreemd dat er een correlatie bestaat tussen lage BNDF niveaus en Alzheimer, depressie en dementie.

Pas dus goed op! Excessief suiker gebruik heeft serieuze nadelen.